Advent is een tijd van duisternis en van wachten. Wachten op het licht. Maar wat nou als dat licht niet komt? Wat als je het niet kan verdragen?

Drie jaar geleden concludeerden Amerikaanse wetenschappers in vakblad Nature Medicine dat er na iedere infectieziekte, of dat nou Pfeiffer, Lyme of Corona is, bij een kleine groep patiënten dezelfde ernstige klachten ontstaan. Ze hebben allemaal last van onder meer extreme vermoeidheid, concentratieproblemen, maag-darmklachten en hoofdpijn. Als de ziekte toeslaat in de extreemste vorm, betekent dat een leven in bed, soms in het donker. (Volkskrant 29 nov)

Zelf lijd ik gelukkig niet in die mate dat ik permanent op bed lig. Het lukt me om een leven vorm te geven, al is het een uitgeklede versie. Vaak herken ik mijzelf niet meer terug, veel wat ik vroeger deed lukt niet meer. Ook voor mijn omgeving ben ik een vreemde geworden. Ze begrijpen me soms simpelweg niet meer. De verwijdering die dit oplevert is pijnlijk. De dagen zijn leeg en je staat buiten de maatschappij. Zoals een andere patiënt het noemde: je komt terecht in een permanent niemandsland.

Dit niemandsland lijkt precies het decor voor de blijde verwachting van advent: God redt ons! Maar voor die persoon die het licht niet meer verdraagt en sinds vorig jaar tijdens advent geen verbetering heeft gezien, wordt ook God steeds meer een vreemde. Wat kan je nog verwachten? En wat kan je in vredesnaam tegen mensen zeggen die al vele jaren in een situatie verkeren van een levende dood. Ik weet het niet. Maar wat wel kan is de ontstane afstand overbruggen, niet wegkijken en het lijden samen verdragen.

Op zondag 30 november werd grootschalig een stem gegeven aan deze onzichtbare groep mensen. Er was op het Malieveld een demonstratie voor mensen met ernstige langdurige klachten na een infectie. Mensen zichtbaar maken, die bijna nooit gezien worden. Het volgende gebed van Pádraig Ó Tuama is zo mooi van toepassing, ook al schreef hij het voor families in Ierland die door politieke verdeeldheid van elkaar zijn vervreemd: May we – separated peoples, estranged strangers, unfriended families, divided communities – turn toward each other, […] Because if God is to be found, God will be found in the space between.

God werd mens, Hij werd zichtbaar. Kunnen wij in deze tijd ook mensen zichtbaar maken? Niet weglopen voor de duisternis, maar de duisternis ingaan en blijven bij de mensen die zich daar bevinden. Er gebeurt namelijk iets bijzonders in deze ontmoetingen. Uiterlijkheden en gemeenplaatsen verdwijnen en we herkennen en zien elkaar. En misschien is dat wel waar God te vinden is.

A prayer for reconciliation
Where there is separation,
there is pain.
And where there is pain,
there is story.
And where there is story,
there is understanding,
and misunderstanding,
listening
and not listening.

May we – separated peoples, estranged strangers,
unfriended families, divided communities –
turn toward each other,
and turn toward our stories,
with understanding
and listening,
with argument and acceptance,
with challenge, change
and consolation.

Because if God is to be found,
God will be found
in the space
between.
Amen.

Uit ‘Daily prayer with the Corrymeela Community’ door Pádraig Ó Tuama

Kirstie Bijl-van der Zee OP

 

 

Wij wensen u een goede en hoopvolle adventstijd en
een Zalig Kerstfeest toe, met vrede en alle goeds voor 2026.